Krapte op arbeidsmarkt en digitalisering maken bijscholing voor laaggeletterden noodzakelijk

Digitalisering en veranderingen op de arbeidsmarkt vragen steeds andere vaardigheden van werknemers. Tegelijkertijd ontstaat een steeds groter tekort aan personeel. Bijscholing is dus essentieel. Slechts 50 procent van de werkende laaggeletterden volgt een training of cursus naast het werk. Bij geletterden is dat 73 procent. Dat blijkt uit een analyse van het Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA) en Stichting Lezen & Schrijven. Hier ligt een noodzaak en kans om meer laaggeletterden te motiveren te gaan leren en bijscholing ook toegankelijker en makkelijker te maken.

1.000 organisaties en 80.000 mensen in actie

Vandaag, tijdens de start van de 15de Week van de Alfabetisering, vraagt Stichting Lezen & Schrijven aandacht voor het belang van een ‘Leven Lang Ontwikkelen’ juist voor laaggeletterden. Deze week komen ruim 1.000 organisaties en meer dan 80.000 mensen in het hele land in actie voor een geletterd Nederland met ruimte voor iedereen om te leren. Ondanks de leerplicht en de kwaliteit van ons onderwijssysteem telt Nederland 2,5 miljoen volwassenen die grote moeite hebben met lezen, schrijven en/of rekenen. Daardoor hebben ze ook vaak moeite met de computer, tablet en smartphone. Dit heeft grote gevolgen voor gezinsleven, gezondheid, werk en financiën.

Sleutelrol voor werkgevers

Het is belangrijk dat laaggeletterden ook op de langere termijn kunnen blijven werken, want iedereen is nodig op de arbeidsmarkt. Stichting Lezen & Schrijven besteedt daarom vanaf 2020 extra aandacht aan het beter bedienen van werkgevers. Zij kunnen hun laaggeletterde werknemers stimuleren aan de slag te gaan met basisvaardigheden zoals lezen, schrijven, rekenen en omgaan met een computer.

Krapte op arbeidsmarkt en digitalisering maken bijscholing voor laaggeletterden noodzakelijk

Een hardnekkig vooroordeel is dat als iemand met zijn handen werkt, hij deze vaardigheden niet nodig heeft. Maar dat is anno 2019 niet meer het geval. Basisvaardigheden zijn onmisbaar om te kunnen meedoen in de samenleving. Wanneer mensen aan de slag gaan met het verbeteren van hun taal- en rekenvaardigheden heeft dit direct effect op hun arbeidskansen. De productiviteit en effectiviteit van arbeid nemen toe, zelfvertrouwen en zelfstandigheid bij werknemers groeit toe en het inkomen kan stijgen met maar liefst 17 procent.

Tips voor werkgevers: breng het leren dichtbij

Geke van Velzen, directeur-bestuurder Stichting Lezen & Schrijven: “Steeds meer werkgevers raken ervan overtuigd dat investeringen in de vaardigheden van medewerkers zich terugbetalen. Zij gaan daardoor aan de slag met cursussen basisvaardigheden. Het is daarbij belangrijk dat werkgevers het makkelijker maken om een training te volgen voor mensen die moeite hebben met taal, rekenen of computer. Bijvoorbeeld door scholing op maat aan te bieden en het aanbod aan te laten sluiten bij hun interesses. Of door te benadrukken dat door de training het werk makkelijker wordt. Door te zorgen dat bijscholing binnen het bedrijf plaatsvindt. Door cursussen in basisvaardigheden als lezen, schrijven, rekenen en omgaan met digitale apparaten op te nemen als vast onderdeel in bijscholingstrajecten. En door geen nadruk te leggen op toetsen en examens.”

Aanbevelingen overheid

Ook de overheid kan eraan bijdragen dat meer laaggeletterden blijven leren, ook naast het werk. Het is belangrijk dat beleid op 'Leven Lang Ontwikkelen’ toegankelijk is voor iedereen, ongeacht het taalniveau. In het onlangs aangekondigde beleid voor individuele leerbudgetten bedoeld voor bij- en nascholing (STAP-budget) houdt de overheid nog onvoldoende rekening met laaggeletterden. Zo kunnen mensen dit budget alleen online aanvragen. De overheid kan ook zorgen dat werkgevers betere ondersteuning krijgen, zodat zij de weg naar taallessen voor hun laaggeletterde werknemers makkelijker weten te vinden.