Model zelfevaluatie voor lokale samenwerkingen helpt in aanpak laaggeletterdheid

Op dinsdag 9 april heeft er een werksessie plaatsgevonden in de gemeente Utrecht omtrent een Groeimodel om laaggeletterdheid nog beter en efficiënter terug te dringen. Dit model is ontwikkeld door masterstudenten van de Universiteit Utrecht (Departement Bestuurs- en Organisatiewetenschap (USBO). Hierbij waren verschillende partners aanwezig, waaronder Bibliotheek Utrecht, DigiWijs, Casa Latina, NL Educatie, Prago en Stichting Asha. Een goede samenwerking tussen gemeente, bibliotheken, scholen en vrijwilligersorganisaties is nodig om zoveel mogelijk passend aanbod te kunnen bieden.

Lokale samenwerkingen

Om lokale partners te helpen de kracht van hun lokale samenwerking in te schatten, heeft Stichting Lezen & Schrijven de Universiteit Utrecht gevraagd een groeimodel te ontwikkelen. Lokale partners kunnen dit model gebruiken om samen hun samenwerking door te lichten en de succesvoorwaarden in te vullen die past binnen hun eigen organisatie. Het model schrijft niet voor hoe organisaties precies te werk moeten gaan, maar helpt om te inventariseren wat de sterke punten zijn in de lokale aanpak, en waar verbetering nodig is.

Studenten doen onderzoek

Een groep van 24 masterstudenten brengt tijdens dit onderzoek de inrichting van Taalhuizen binnen verschillende gemeenten in kaart. Zo komen niet alleen de belangrijkste voorwaarden voor een succesvolle aanpak laaggeletterdheid aan het licht, maar krijgt een groep toekomstige ambtenaren ook inzicht in het probleem van laaggeletterdheid.
De kennis die deze masterstudenten hebben opgedaan in dit onderzoek, kunnen zij weer meenemen en inzetten bij de organisaties waar zij in de toekomst komen te werken. 
 

Model zelfevaluatie voor lokale samenwerkingen helpt in aanpak laaggeletterdheid

Werksessie groeimodel

Tijdens de werksessie, welke geleid werd door Scott Douglas (Departement Bestuurs- en Organisatiewetenschap), werd stilgestaan bij de conceptversie van het groeimodel. Voorafgaand werd aan de partners gevraagd om anoniem en individueel naar hun lokale aanpak te kijken, aan de hand van dit model. Tijdens de werksessie werden de uitkomsten besproken en ervaringen met elkaar gedeeld. Opvallend was dat er ook al veel goede oplossingen of ideeën werden geroepen over hun bevindingen. Deze input wordt door de Universiteit Utrecht gebruikt om knelpunten inzichtelijk te maken meegenomen om de knelpunten uit te lichten en verbeteracties op te zetten.

Wilt u meer weten over dit onderwerp? Neem dan contact op met Radj Ramcharan.